Markten
Is er een AI-bubbel? Wat de cijfers wel en niet zeggen
Redactie VrijVermogen · 6 november 2026 · 9 min lezen
Op donderdag 5 november 2026 verloor de Nasdaq 5,5% op één dag. De S&P 500 zakte 4,4%, Nvidia ruim 9% en de graadmeter voor chipbedrijven meer dan 12%. De aanleiding was de uitslag van de Amerikaanse tussentijdse verkiezingen, die beleggers deed vrezen voor strengere regels voor AI en datacenters. Sinds het record van 6 oktober staat de Nasdaq bijna 12% lager, en de chipgraadmeter staat inmiddels 38% onder de piek van juni. De vraag die al een jaar rondzingt, klinkt daardoor opeens een stuk luider: is dit een AI-bubbel, en knapt hij nu?
Het eerlijke antwoord is dat niemand dat weet. Een bubbel herken je pas achteraf met zekerheid. Wat wel kan, is kijken wat er te meten valt, en dat beeld is verrassend tweeslachtig.
Kort gezegd
- Voor een bubbel pleiten de recordconcentratie, de investeringen die dit jaar bijna verdubbelen en het groeiende aandeel geleend geld.
- Tegen een bubbel pleit dat de winsten hard meegroeien: de S&P 500 is op verwachte winst goedkoper dan in ruim drie jaar.
- De dotcomcrash leert dat een technologie echt kan zijn en de belegging toch slecht. De Nasdaq deed er vijftien jaar over om terug te komen, een brede wereldindex zes tot zeven.
- De bruikbare vraag is dus niet óf er een bubbel is, maar hoeveel AI er in je portefeuille zit en of je een flinke daling kunt uitzitten.
Eerst: wat is een bubbel eigenlijk?
Van een bubbel spreken we als prijzen veel verder oplopen dan de onderliggende bedrijven redelijkerwijs kunnen waarmaken, en kopers vooral kopen omdat ze verwachten dat een ander straks nog meer betaalt. Een koersdaling alleen zegt daar niets over. Een daling van meer dan 10% heet een correctie, en die komt regelmatig voor. Ook in goede jaren.
Let bij de cijfers hieronder op de datum: een deel is van eind september, van vóór de koersval, een deel van begin november.
Wat op een bubbel lijkt
De markt leunt op heel weinig bedrijven. Eind september waren de tien grootste bedrijven goed voor 40,6% van de waarde van de S&P 500. Op de top van de dotcomgolf in 2000 was dat ruim een kwart. Tel je alle sectoren op die aan AI hangen (cloudbedrijven, chips, hardware, software en stroom), dan kom je volgens J.P. Morgan op 53,2% van de index.
De investeringen zijn ongekend. De vijf grote cloudbedrijven die de datacenters bouwen, de zogeheten hyperscalers, geven dit jaar naar verwachting bijna twee keer zoveel uit als vorig jaar.
| 2023 | $ 154 miljard |
|---|---|
| 2024 | $ 241 miljard |
| 2025 | $ 416 miljard |
| 2026 (verwacht) | $ 799 miljard |
| 2027 (verwacht) | $ 1.093 miljard |
2026 en 2027 zijn consensusschattingen per 30 september 2026. Bron: J.P. Morgan Asset Management.
In diezelfde schattingen zakt hun vrije kasstroom in 2026 en 2027 tot rond of onder nul. De investeringen slokken dan vrijwel alles op wat de kernactiviteiten binnenbrengen.
Steeds meer geleend geld, en bedrijven die elkaar financieren. Het IMF telde in oktober veertien openbaar gemelde transacties sinds 2023, goed voor ongeveer $ 300 miljard aan aandelenbelangen en $ 650 miljard aan schuld, in ruil voor $ 1.400 miljard aan toekomstige omzetafspraken. Het patroon: een groot bedrijf investeert in een AI-bedrijf, dat met dat geld weer chips of rekenkracht bij dat grote bedrijf koopt. Zolang de eindklant blijft komen, werkt dat. Blijft hij weg, dan raakt het probleem meteen meerdere bedrijven tegelijk. Het IMF noemt een correctie in AI-gerelateerde beleggingen dan ook expliciet als risico voor de financiële stabiliteit.
De langetermijnwaardering is hoog. De Shiller-CAPE, die de koers vergelijkt met de gemiddelde winst over tien jaar, stond eind september op 40,9. Het gemiddelde over dertig jaar is 28,9, en het record uit december 1999 is 44,2.
Professionele beleggers maken zich ook zorgen. In de enquête van Bank of America onder fondsbeheerders stond een knappende AI-bubbel in oktober op de tweede plaats van grootste risico's, na een onrustige stijging van de rente.
Wat juist niet op een bubbel lijkt
De winsten groeien hard mee. De winst van de S&P 500 groeide in het derde kwartaal voorlopig met 31,4%, en analisten rekenen voor heel 2026 op 33,3%, meldt FactSet. Sinds het begin van het jaar steeg de index 7,4%, terwijl de verwachte winst per aandeel 33,6% hoger werd geschat. In een klassieke bubbel is het andersom: dan rennen de koersen de winsten voorbij.
De koers-winstverhouding daalt. Op 5 november betaalde je 17,7 keer de verwachte winst voor de S&P 500, het laagste niveau in ruim drie jaar en onder het gemiddelde van de afgelopen vijf en tien jaar, al nog wel boven het twintigjarige gemiddelde van 16,5. Technologieaandelen als groep stonden op 17,3, onder hun eigen 25-jarige gemiddelde van 20,0.
| Maatstaf | Piek 1999–2000 | Nu |
|---|---|---|
| Koers-winstverhouding S&P 500, verwachte winst | 25,2 | 17,7 |
| Shiller-CAPE | 44,2 | 40,9 |
| Gewicht tien grootste bedrijven | ruim een kwart | 40,6% |
| Rente Amerikaanse staatslening, 10 jaar | 6,2% | 5,3% |
Nu: de koers-winstverhouding per 5 november, de rest per 30 september 2026.
De grootste bedrijven verdienen echt geld. De tien grootste bedrijven waren eind september goed voor 40,6% van de waarde, maar ook voor 36,1% van de winst. Hun koers-winstverhouding van 20,9 lag op hun langjarige gemiddelde. Rond 2000 lag die boven de 40.
Maar een lage koers-winstverhouding is alleen geruststellend als de winst klopt. Dat is het zwakke punt van dit tegenargument. De winstverwachtingen trekken een uitzonderlijke periode door naar de toekomst, en een deel van de winst van het ene AI-bedrijf is de investering van het andere: wat de cloudbedrijven aan chips uitgeven, is de omzet van de chipmakers. Valt die investering terug, dan daalt ook die winst, en dan blijkt 17,7 achteraf niet zo laag. Bedrijven die sterk op een cyclus draaien, ogen vaak juist het goedkoopst als hun winst op de top staat. De koersval van deze maand laat bovendien zien hoe snel de markt daaraan twijfelt.
Wat de dotcomcrash ons leert
Wie in 2000 dacht dat internet de wereld ging veranderen, had gelijk, en kon er toch veel geld mee verliezen.
| Belegging | Daling | Piek tot dal | Terug op de piek |
|---|---|---|---|
| Amazon | −94% | 1999–2001 | 2009 |
| Cisco | −89% | 2000–2002 | 2025 |
| Nasdaq Composite | −78% | 2000–2002 | 2015 |
| AEX-index | −69% | 2000–2003 | 2021 |
| S&P 500 | −49% | 2000–2002 | 2007 |
| MSCI World, met dividend | −42% | 1999–2002 | 2006 |
Slotkoersen in de eigen munt, zonder dividend. Alleen de MSCI World is met dividend en op jaareinden gemeten. Eigen berekening.
Drie dingen vallen op. Zelfs de grote winnaar van die tijd, Amazon, verloor eerst 94%. Cisco, de leverancier van de netwerkapparatuur waar het internet op draaide en daarom vaak de Nvidia van toen genoemd, had ruim 25 jaar nodig om zijn koers van maart 2000 terug te zien. En hoe breder de spreiding, hoe minder diep de val en hoe korter het herstel.
Te vroeg uitstappen was ook duur. Op 5 december 1996 vroeg Fed-voorzitter Alan Greenspan zich hardop af of "irrational exuberance" de koersen te ver had opgedreven. De S&P 500 sloot die dag op 744. Daarna verdubbelde de index tot 1.527 in maart 2000. Op het dieptepunt van de crash, in oktober 2002, stond hij op 777: nog altijd boven het niveau van Greenspans waarschuwing. Wie in 1996 verkocht, had gelijk over de bubbel en kon tijdens de hele crash toch niet goedkoper terugkopen.
Wat dit betekent voor je portefeuille
Het meeste AI-risico zit niet in aandelen die je bewust kiest, maar in je fonds. In een marktgewogen indexfonds weegt wat duurder wordt vanzelf zwaarder.
| Tracker op | Tien grootste posities | Technologie | Grootste positie |
|---|---|---|---|
| S&P 500 | 38% | 40% | Nvidia 7,9% |
| MSCI World | 28% | 32% | Nvidia 5,7% |
| FTSE All-World | 24% | 31% | Nvidia 4,9% |
| AEX | 76% | 27% | ASML 17,4% |
Peildatum 11 tot 21 oktober 2026, voor de koersval. Amazon, Alphabet en Meta tellen niet mee als technologie, dus de werkelijke AI-blootstelling is groter.
Ook wie denkt met de AEX buiten de Amerikaanse techgekte te blijven, zit erin: ASML en ASM International, die de machines voor chipfabrieken maken, wogen samen bijna 22%.
Of AI een bubbel is, hoef je dus niet te weten om iets aan deze cijfers te hebben. Drie vragen zijn bruikbaarder.
1. Hoeveel AI zit er echt in?
Tel je fondsen en losse aandelen bij elkaar op. Wie een wereldwijd indexfonds heeft en daarnaast Nvidia en ASML, zit vaak meer in dezelfde hoek dan je zou denken.
2. Kun je een flinke daling uitzitten?
Stel dat alles wat met AI te maken heeft 50% daalt en de rest gelijk blijft. Met 40% AI in je portefeuille wordt € 100.000 dan € 80.000. Dat is een rekenvoorbeeld, geen voorspelling, en waarschijnlijk nog een vriendelijk voorbeeld: in 2000 tot 2002 daalde vrijwel alles tegelijk. Reken daarom ook eens met een halvering, en onthoud dat je na 50% daling 100% stijging nodig hebt om terug te zijn. De vraag is wanneer je het geld nodig hebt, en of je dan nog tijd hebt om dat af te wachten. In de gratis vermogenssimulator zie je wat een lager vermogen doet voor de leeftijd waarop je kunt stoppen met werken.
3. Wat doe je als het gebeurt?
Beslis dat liever nu dan op een dag als 5 november. Wie op zo'n dag verkoopt, moet twee keer gelijk hebben: bij het uitstappen en bij het weer instappen. De beste beursdagen vallen vaak vlak bij de slechtste, zoals we laten zien in De 7 grootste beleggingsfouten van particulieren.
VrijVermogen laat zien wat er in je fondsen zit, en wat je portefeuille van vandaag had gedaan in de crashes van 2008, 2020 en 2022 (dat laatste in de Pro-versie).
Tot slot
Bubbels zijn makkelijk te herkennen in terugblik en moeilijk op het moment zelf. De cijfers van nu geven beide kampen munitie: de concentratie en de schulden doen denken aan 2000, de winsten en de waarderingen niet. Of AI een bubbel is, horen we over een paar jaar. Hoe jouw portefeuille eruitziet, kun je vandaag nakijken.
Bronnen
- FactSet, J. Butters (6 november 2026). Earnings Insight.
- J.P. Morgan Asset Management (data per 30 september 2026). Guide to the Markets – U.S. De link wijst steeds naar de nieuwste editie.
- IMF (oktober 2026). Global Financial Stability Report: Resilience, Risk, and Transformation.
- IMF Blog, A. Vamvakidis & J. Wu (13 oktober 2026). Global Financial Markets Face Rising Risks From AI, Bond Yields, and Cyberattacks.
- Fox Business (5 november 2026). Stocks plunge as Dem midterm sweep fuels AI regulatory concerns.
- XTB (13 oktober 2026). Over de Fund Manager Survey van Bank of America.
- A. Greenspan (5 december 1996). The Challenge of Central Banking in a Democratic Society. Federal Reserve.
- Multpl. Shiller PE Ratio, op basis van de data van Robert Shiller.
- Slotkoersen S&P 500, Nasdaq Composite, AEX, Cisco en Amazon via EODHD; jaarrendementen MSCI World zoals in de rekentool sparen of beleggen. Eigen berekeningen.
- Fondssamenstelling Vanguard S&P 500 UCITS ETF, iShares Core MSCI World UCITS ETF, Vanguard FTSE All-World UCITS ETF en iShares AEX UCITS ETF via EODHD, peildatum 11 tot 21 oktober 2026.
Dit artikel is algemene informatie en geen persoonlijk beleggingsadvies. Beleggen brengt risico's met zich mee: je kunt (een deel van) je inleg verliezen. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. Cijfers zijn een momentopname op de genoemde datum.